Skip to content

✓ Spreekangst

February 12, 2019

047a36b2-0a18-4748-b30b-73381ba80d2a

Laatst schreef ik over het doen van ‘de opruim-challenge’ of ‘the minimalist game‘ en dat de challenge niet op is gehouden bij het opruimen van spullen. Dat ik nu ook een commitment heb aan het opruimen van mijn fysieke-, mentale- en emotionele weerstanden. Ik beloofde in een volgend blog een voorbeeld te zullen geven van dát opruimen. Bij deze.

Net voor de kerstvakantie ontving ik een uitnodiging om, als alumni, te komen spreken tijdens de Erfgoedarena, georganiseerd door Master studenten van de Reinwardt Academie. Ik dacht er even over na en mócht van mezelf de uitnodiging niet weigeren. Ik heb een commitment met mezelf. Dus. Hup, door mijn angst heen om voor een publiek te staan. Hup, door de angst heen om mijn mening te delen. Hup, door de angst heen om te denken dat ik arrogant overkom. Hup, door de angst heen dat mijn zenuwen me zullen overmannen en dat ik geen idee meer heb wat ik ga zeggen, dat ik ga hakkelen, rood word, tril en alles voel wat lijflijk nog meer aan de orde is. Hup, door de angst heen dat ik mezelf grootster neerzet dan ik werkelijk ben. Hup.

Twee maanden heb ik de tijd om deze angst in mijzelf te onderzoeken. En twee maanden heb ik de tijd om een inhoudelijk verhaal voor te bereiden, wat aansluiting heeft op de vraag die mij als spreker gesteld wordt. Angst kent vele verschillende raadgevers, de innerlijke saboteurs. Wat ik zoal tegen kom: weet ik wel genoeg van het onderwerp af? Hallo! Ik bén het onderwerp! Moet ik me nóg meer verdiepen in de theoretische museologie? Hallo! Dat heb je de afgelopen 10 jaar reeds gedaan en aan de praktijk mogen ervaren! Moet ik nóg meer tijd besteden aan de voorbereiding? Hallo! Nee. Ontspan. Bepaal eerst hoeveel tijd je eraan wilt besteden en besteed dat er dan ook maximaal aan. Oké, tot zover kom ik er wel uit in het gesprek met mezelf en met wat straight-line.* Maar dan…

Ben ik nou klein of juist groot? Ja, die. Die blijft hangen. Die zorgt ervoor dat de zenuwen opstijgen. Wie ben ik nou helemaal? Neem ik teveel plek in? Ben ik betweterig? Of ben ik nou juist niet geslaagd als carriere-tijger? Ik wil niet met de hand wijzen naar de erfgoedsector en ik ben er geen slachtoffer van. Ik voel me toch gezegend dat ik deze tocht met alles erop en eraan mag meemaken? Ik haal Jung erbij. Wat kan ik doen om de angst te overstijgen? Ik wil spreken vanuit mijn hart. Maar kan dat wel? Wordt dat wel gewaardeerd? Als ik vanuit mijn hart spreek dan moeten alle pretenties eraf. Dan ga ik bloot. Figuurlijk. JA! Dat voelt goed. Zo zal mijn introductiepraatje van zeven minuten zijn. Zoals ik ben. Gewoon. Complex mezelf. Eenvoudig toch.

Ik schrijf mijn praatje. Oefen het onder de douche. Naakt. Met mijn vriend als publiek. Met kleding aan. En wanneer theatermaker Boy Jonkergouw me als wederdienst aanbiedt om een paar uurtjes te coachen, dan neem ik de uitnodiging aan. Al probeert zelfs in deze fase de innerlijke saboteur me nog even te verwarren, ik zet voortvarend de nodige stappen vooruit.

Mijn commitment aan mezelf, een goed verhaal, een goede voorbereiding, de oefening en coaching maken me sterk. Ik begin er zowaar naar uit te kijken. En als de avond daar is, dan ben ik mezelf gewaar. Tijdens het inleidende praatje van de gastheer voel ik de zenuwen opstijgen. Ik stuur ze naar beneden, de grond in. Ik kijk rond. Ik luister. Ik ben alert. En zo kom ik ook mijn 7-minuten praatje door. Ik sta stevig, hakkel geenszins, weet wat ik zeg en… ik geniet.

✓  Spreekangst. Opgeruimd! Nah ja… het blijft spannend. Volgende week mag ik weer oefenen bij Fähig, salons over levenskunst bij old school Amsterdam, waar ik met Jeroen Busscher in onderzoekende dialoog ga. En de week daarna komt Eendracht films bij me thuis op bezoek om een portret op te nemen voor de internetserie over Brabantse Cultuurdragers genaamd ‘Goud van Brabant‘, in opdracht van Erfgoed Brabant. Tis wat. Zo’n commitment.

 


The Reinwardt Academy, Erfgoedarena (Heritage Arena) on 30 January 2019

Friction(s) & Betrayal: Pushing the Boundaries of the Museum Profession

How can museologists use their skills and competencies outside the obvious museum or cultural heritage field? What professional and personal dilemmas do they encounter when doing so? At what expense can we push the boundaries of the museum profession?
Speakers: Claire Bown (Thinking Museum), Demelza van der Maas (Collection Manager of the Heineken Foundation), Kathy Marchand (Bouwkate) and Carla Pratt (experienced museologist currently on the job market).

 

Mijn 7-minuten praatje! 

Hi, I am Kathy. I graduated the Masters in 2009. And prior to that, in 2003, I obtained my bachelor degree in Architectural Design. I started off my Museum Profession career as an exhibition designer. But due to the financial crisis and subsidy cuts the museum I worked for had to close down. My last task was to coordinate the relocation of the museum collection to its original owners. 20.000 objects were being moved from one attic to another basically. And so within three years of being a Museum Professional I lost my job.

Looking forward to the next adventure I started my entrepreneurship / Bouwkate. I had a big local network within the field of culture and creative industries, so soon I participated in several projects.

The original owners of the museum couldn’t take care of their collection, so Dieuwertje Wijsmuller (CCC) my classmate during the Masters, Jolande Otten, the former director of the museum and I founded the Association of Disinherited Goods (Onterfd Goed). Our aim was to raise awareness on the then taboo-topic of dismantling collections. And the thin line between an object being heritage or ‘waste’.* We dismantled the museum collection in a transparent manner, according to the LAMO guideline. The sale of objects provided us the resources to organize projects and debates to raise awareness. 

We balanced on the ethical cord. The museumfield did not support us then. And at some point even Parliamentary questions were being asked.*** On the other hand we were also chosen ‘Radical Innovators’ by a National newspaper. And we were overwhelmed by the amount of sympathizers outside of the museumfield and politics.

Since the business model of the foundation couldn’t provide for three directors, I firstly chose to leave. When Didi had also left the foundation a year after, she asked me to help hér with two dismantling-projects. On hindsight I can say that those two projects represent a personal turningpoint. I had an epiphany that it were nót the objects that interest me, but the people! The psychological impact of de-attaching oneself from an object is rarely taken into account. 

So, I read myself into the phenomenology of ‘attaching and letting go’, into ‘mourning’, ‘Jung’s psychoanalysis’, ‘hoarding’, ‘consumerism behavior’, ‘stuffocation’, ‘Marie Kondo’, ‘Minimalism’ and ‘Eastern and Western philosophy’. I started to empirically research my own mental and emotional attachments by doing the minimalist game and I am henceforward committed to the dynamics of ‘attaching and letting go’.

Next to doing research I have worked at the Dutch Open Air Museum as a dismantling employee. I was a Museum Professional again. For one year. The ‘cleaning’ project ended this summer. Presently, I work in a fulfillment center, order picking the products that we as a society massively order online and discard ourselves of almost even as rapidly. I can advise the Dutch Open Air Museum to actively collect the Airfryer, accompanied by the story of the Polish labor immigrants.

My whole scope urges me to further research the dynamics of ‘attaching and letting go’ within the field of Western Cultural Anthropology and Philosophy. I am very thankful that struggles, determination and an eagerness for personal growth have brought me to this point in my carreer and life. I look forward to putting my heart into researching our responsibility towards a next generation. How can we transcend the Capitalistic behavior pattern of obsessively craving for objects? And how we can collectively balance our fanatism to posses objects versus our indifference in discarding?

Thank you!

 


* During the political process of subsidy cuts in 2010, the Scryption museum collection was literally called ‘old iron waste’ by one of the municipalities board members.


 

Maatpakken en pakketjes picken

February 12, 2019

Dit beschrijft de reikwijdte van mijn spullen-onderzoek en werken in Nederland. Onze erfgoed-keten (hé kate-n) zie ik in ‘n context- en tijdlijnverband:

Gisteren begeleidde ik nog een workshop over visieontwikkeling en vandaag ga ik naar het uitzendbureau en schrijf ik me in.

Toen nog borrelen en naar de hapjes snakken, nu ongehinderd stickers plakken. Van blanke mannen in maatpakken, tot gekleurd en gezamenlijk pakketjes pakken.

Van eigenbelang kapen, tot orders bijeen rapen.

Met een professor spreken over promotie materiaal en tussen de machines kletsen we over ons avondmaal.

De gedeputeerde en de directeur schud ik de hand, “Hop, rollen, die BT moeten aan de kant!”

De timer stopt de deelnemers het praten in eigenbelang, de dozen stapelen zich op de pallet met gepaste zwang.

Aan het eind van de workshop is het resultaat ongekend, adressen erop, sealen en… verzend.

 

Opruim challenge

November 27, 2018

2017 – 2018 | Zelfstudie naar ontzamelen

Wat doet het met mij persoonlijk als ik me onthecht van persoonlijke eigendommen? Om dit mezelf te kunnen bevragen deed ik in maart 2017 thuis een fysieke opruim challenge. 1 maart ruimde ik 1 ding op; 2 maart 2 dingen; … ; en 31 maart 31 dingen. Ik hield er een verslag van bij:

1 – 1 | Ik kijk naar drie bomvolle stellingkasten, de objecten die eruit groeien en zich over de vloer verspreiden. Als eerste object kies ik een boek. Lekker veilig. Ik ben op deze kamer nog wel even zoet.

2 – 3 | Twee kapotte printers. Ik heb al vergeefse repair-pogingen gedaan. Printers zijn mijn ergernis. Ze gaan weg. Fijn. 

3 – 6 | Met enige schroom kies ik een gekregen surprise-werkstuk. 

4 – 10 | Mijn opa, hij is er al even niet meer, schilderde bloemen en landschappen. Hij maakte een schilderijtje speciaal voor mij, ter herinnering aan mijn eerste communie. Ik zet het weer eens in het zicht.

5 – 15 | Een rieten bakje.  2 schuimrubber kussens, voor het bekleden van stoelen die-allang-zijn-bekleed-door-een-vakman.  Een vijzel zonder stamper-die-allang-kapot-is-gegaan. Een paar steentjes uit Mexico. Ik heb ze ‘geloot’. Stom, want ik weet dat dit de nu-ontbrekende-scherven zijn van een 2000jr. oude schaal.  Een oplader van een telefoon.

6 – 21 | Ken je dat? Cadeaupapiertjes bewaren. – 2x Potlood vastgeplakt aan gum.Volleybal-kniebeschermers met elastiekband-die-écht-niet-meer-rekt. 1x leeslampje.  8x fotolijstje.  10x prullaria, van schroefjes tot toeristisch aandenk geneuzel en een pen die-het-niet-meer-doet.

7 – 28 | Het schilderijtje van opa. Ik vind het eigenlijk helemaal niet zo leuk om naar te kijken. Het maakt wat los. Ik denk erover na. Ik leg het in de doos voor de kringloop. Hoe voelt het als ik het weg doe?

8 – 36 | 9 – 45 | 10 – 55 | Er zitten te weinig dagen in de maand. Ik ga werken met ‘bulk-aantallen’. -/+ 120 Nooit-verstuurde-postkaarten. -/+ 1560 Negatieven, dia’s, cd’s, dvd’s en zipschijven uit m’n Kunstacademie tijd.  Tig visitekaartjes van ontmoetingen-zonder-vervolg.  En talloze ondefinieerbare vakantiekiekjes. In drie dagen komen zo’n 2511 unieke objecten niet door de selectie heen. Dat voelt goed.

11 – 66 | Keramiek. Vulpenhoesje. Map voor de visitekaartjes. Softbal handschoen en bal. Veerpen en fotomagneetje. Kabeltje, kabeltje, kabeletje en nog wat.

12 – 78 | Vandaag ga ik de confrontatie aan met mijn 12 volle multomappen. Artikelen en lesstof van mijn Reinwardt periode laat ik los. Kennis is geïnternaliseerd of onderwerpen vallen buiten mijn focus. Er groeit al snel een berg papierafval. Maar de stapel wordt pas écht bergenhoog als ik oude loonstrookjes, huurovereenkomsten, vergaderverslagen en afschriften (uit de guldentijd!) driftig verscheur. Wat heb ik veel bewaard en verzaakt (jaarlijks) op te schonen. Eén plank leeg.

13 – 91 | De eerste vracht naar de kringloop. Het schilderijtje van opa gaat mee.

14 – 105 | Voor het stante pede kunnen bevredigen van hobbyimpulsen heb ik velerlei knutselmateriaal in huis. Maar een hoeveelheid stofjes en garen bedekt inmiddels mijn naaimachine. De téveelheid belet me het gebruik ervan. En dat betekent dat de hoeveelheid óók niet gereduceerd wordt. Ik maak een beheersbare selectie van de mooiste stofjes die-ik-ooit-nog-wil-gebruiken. Zelfhulpboekjes raden aan om ‘ooit’ van je to-do lijstje af te halen, want het ‘verlangt’ iets van je. Ik denk erover na en besluit dat de stofjes niets van me verlangen, maar er voor me zijn als ik een impuls krijg. 

15 – 120 |De werkkamer uit. Ik haal twee dozen-vol-herinneringen uit de inloopkast. Ik maak ze open. Ik loop wat heen en weer en ga elders in huis wat aan het rommelen. Vanavond beloof ik. Na het eten maak ik een begin met uitstallen van Agenda’s, Dagboekjes, Poëziealbum, Dummy’s, Medailles, Rapporten en Diploma’s. 21.00u. Ik ren naar de laptop voor de uitslagen van de landelijke verkiezingen. Ineens is de laptop niet meer verplaatsbaar en kan ik geen twee dingen tegelijkertijd…

16 – 136 | …Ik loop een dag achter.

17 – 153 | Ik heb goede moed. Ik maak een selectie van spullen die mijn fijnste herinneringen vertegenwoordigen. Ze vertellen een verhaal over mij, de rode lijn van mijn ontwikkeling, keuzes die ik maakte en waar ik plezier aan beleefde. Andere dingen laat ik los. Ja, ook mijn kleine verzameling Forever Friends beertjes en zelfs mijn sleetse wedstrijd-dansschoenen. Twee dozen worden gereduceerd tot 3/4de doos. Voordat ik de ‘nostalgiedoos’ terug plaats geef ik gehoor aan mijn plotselinge behoefte schoon te maken. De kast en de werkkamer ruiken weer fris. 

18 – 171| Het is zaterdagavond. Onze dochter is logeren. Wat zullen we vanavond doen? Opruimen! Mijn vriend is kunstenaar. Hij stapt deze maand met mij in het opruim avontuur. Er wordt niets opgeruimd uit zijn atelier. Hij is benieuwd of hij de maand geleegd krijgt met ‘persoonlijke’ spullen. Iedere dag stalt hij zijn selectie uit en ben ik getuige van de telling. Ter goedkeuring? Ter bewijs? Ter behoefte aan compliment? Ter motivatie? Geen idee, hij wil het zo.

De eerste 15 dagen is mijn vriend in de veronderstelling dat hij te weinig spullen heeft om de maand leeg te krijgen. Hij vindt het steeds lastig een keuze te maken. Op dag 16 zoekt hij al zijn tekeningen uit. Stapels! Al sorterend kom hij tot de ontdekking dat hij – voor het behouden van de herinnering – niet alle tekeningen ook daadwerkelijk hoeft te bewaren. Van een volle krat blijft nog maar 1/4de over. Daarna zet hij alvast wat spullen klaar die mórgen niet door de selectie zullen komen. Hij maakt een account aan op Marktplaats, voor de verkoop van een serie stripboeken. Een verzameling magneetjes en obscure beestjes wordt losgelaten. We luisteren intussen naar muziek en drinken een biertje. De volgende dagen sorteert ook mijn vriend ‘bulk’ zoals kaarten, brieven en foto’s. Het selecteren vergaat hem steeds makkelijker. Zijn twijfel, of hij wel genoeg spullen heeft om het einde van de maand te halen, lijkt weg. Geheel weg.

19 – 190 | We lopen een dag voor. We zijn vandaag even níet met opruimen bezig. 

20 – 210 | De kledingkast is aan de beurt. Dat is geen lastige klus. Ik rouleer graag en regelmatig kleding met vriendinnen tijdens een kledingruil-avond. Die avonden zijn een hilarisch succes! 

21 – 231 | 22 – 253 | Ik haal twee dozen van de zolder, waarin ik, in de afgelopen drie jaar, zelden heb gekeken. Uitgangspunt is dat de gehele inhoud van deze dozen weg kan. 53 boeken. – 37 cd’s, die ik eerst digitaliseer. Ik houd er een paar. Voor het geval we zonder Spotify of I-tunes komen te zitten? Of omdat er een verhaal aan het object zelf zit? Ik voeg ze toe aan de nostalgiedoos en overweeg ze over een paar jaar nog wel eens. Mijn vriend ziet dat ik iedere cd als apart item tel en vraagt me of ik het er benauwd van krijg dat we pas op de helft van het beoogde-aantal-op-te-ruimen-spullen zitten? Nee, ik heb nooit veel cd’s gehad. Iedere cd representeert een gevoelswaarde die niet te bundelen is per artiest, taal of genre, verklaar ik.

23 – 276 | Jaren geleden knipte ik recepten uit de Allerhande. Ik zou ze maken en in ‘mijn receptenboek’ plakken. Er zijn welgeteld vier recepten ingeplakt. De grote stapel voorin vertelt me dat het samenstellen van mijn persoonlijke receptenboek gefaald heeft. Mijn vriend kan heerlijk koken. We genieten elke dag van zijn vers bereide maaltijden. Hoe kan ik ooit zo lekker koken als hij? De grootste paniek slaat toe als ik een gerecht moet samenstellen met hetgeen er in huis is! Om mezelf wat te helpen besluit ik alsnog een selectie te maken van de gerechten die ik écht eens wil proberen. Ik plak ze in. Zal koken ooit uitgroeien tot een leuke activiteit samen met mijn dochter?

24 – 300 | Een tweede rit naar de kringloop. De container zit weer vol en vijf dozen oud papier staan weer klaar. Het aftellen is begonnen. Met hernieuwd inzicht doe ik nóg een rondje werkkamer. Een 24-tal boeken blijft niet in de kast. Geen verkoop via Marktplaats voor mij, want ik veronderstel dat deze online activiteit, die kan uitgroeien tot een verslaving, me er dan niet van zal weerhouden juist mínder te kopen. De offline boekenkast is gereduceerd tot zo’n 7 strekkende meter. Hoe groot is eigenlijk mijn online boekenkast? Moet die ook geordend worden? En de online administratie, bestanden, foto’s en muziek? Ai. Volgende maand?

25 – 325 | Afwrijfletters. 2x Poedersneeuw. 7x Routekaart. Verjaardagskalender. 2x badspul. Oude mascara en ander nooit-gebruikt-opmaakspul. Horloge. Kerstslinger. Wissellijsten. Hard geworden fondant.

26 – 351 | Poeh. Vandaag ben ik er wel even klaar mee. De opruimactie begint steeds meer tijd te vergen. Met name omdat er ook nieuwe structuur aangebracht wordt in het beheren en opslaan van de spullen. De administratie is op orde én aan de behoefte om te poetsen wordt voldaan. Ook heb ik het idee dat ik wel zo’n beetje door mijn persoonlijke spullen heen ben. Mijn handen jeuken om ‘gezamenlijke items’ en speelgoed-wat-niet-meer-gebruikt-wordt van onze dochter op te ruimen.

27 – 378 | 28 – 406 | 29 – 435 | Deze drie dagen worden gebruikt om als gezin gezamenlijke items op te ruimen. In de keuken worden alle kastjes open getrokken en eindelijk ruimen we dubbelingen op die we persoonlijk inbrachten toen we samen gingen wonen. Er wordt gekozen tussen de kaasschaaf van jou of de kaasschaaf van mij? Een aantal kruiden is over de datum, dat ruimt op. En onze dochter heeft haar slabbetjes niet meer nodig. Ze besluit zelf dat de blokken puzzels, autootjes, een kapot toilettasje een babyboekje en slechte wasco “naar een ander kindje kunnen”. Met weinig moeite maken we deze drie dagen leeg. 

30 – 465 | Schoolprojecten: ogen tekenen, fotografie, schilderijtje, typografie. Bordje uit Cancun. Egaliser. Nietszeggende briefjes. Toch wat dagboeken. Baby bankschroef. Kapot spiegeltje. 

31 – 496 | Uitgedroogde Albastine. Vaas. Naaiton. 2x Gordijn. Mijn naam in Hyroglief op perkament. Plastic insteekhoesjes. Wollen deken, want ik heb er nog drie. Letterdoosje. Keramiek. Nóg wat schoolprojecten. Oude brieven en beschreven kaarten. Oude sleutels. Lege doosjes.

00.41u 1 april 2017. Klaar! In 31 dagen zijn 496 objecten inclusief bulk-items opgeruimd. 

De fysieke opruim challenge heeft mij in 2017 zeer bewust gemaakt van mijn fysieke-, emotionele- en mentale gehechtheden. Emoties en vertwijfelingen die gekoppeld waren aan de fysieke objecten werden gevoeld, geobserveerd en positief bevestigd of bewust losgelaten. Ik ervoer een positief gevoel bij toenemende bewegingsruimte. Loslaten werd een spel. Ik beheerste de regels en de focus verschoof van het opruimen van ruis naar het hebben van meer aandacht voor de spullen die ik wél belangrijk vind.

Ik ontwikkelde meer nieuwsgierigheid naar mezelf. Na de fysieke opruim challenge ging ik door met het bevragen van mijn emotionele- en mentale gehechtheden. Mijn overtuigingen en patronen werden in het afgelopen jaar bevraagd. Ze werden opgeruimd als ze me niet meer dienden of positief herbevestigd. De zelfstudie is uitgegroeid tot een commitment met mezelf.

September 2017 verhuisden we naar een kleiner huis. En in dit nieuwe huis brak de volgende fase aan: het ‘opruimen’ van mijn lichaam. Ik begon een yoga-traject en als vanzelf pikte ik het mediteren weer op. Iedere fysieke-, emotionele- en mentale weerstand die ik in mijn lichaam voelde werd geobserveerd en bevraagd. Het was hard werken om al zelf reflecterend open te staan voor de minder leuke aspecten van mijn persoonlijkheid. Kon ik mijn ‘persoonlijkheid’ eigenlijk nog wel definiëren? Ik las Jung en verdiepte me in Oosterse en Westerse wijsbegeerte om persoonlijkheden te kunnen objectiveren. Ze werden me bewust, ze werden bevraagd en ze werden herbevestigd óf vervangen voor iets wat me beter dient. Mijn mantra werd: ik ben niet ziek, maar ik kan wel beter worden. Het was een innerlijk (niet-zichtbaar) proces voor de buitenwereld. Ik zou in een volgend blog een lijstje kunnen uitwerken zoals hierboven.

Bovenstaand leest als een afgerond iets, maar nee hoor. Het bewustwordingsproces is een reis op zich. Het duurt voort en is een leven lang commitment. Het geeft steeds meer inzichten in mijn denken, voelen, handelen en mijn geluksgevoel daarbij. Daarnaast biedt het me op steeds diepere lagen meer inzicht in de fenomenologie van hechten & loslaten. Als onderzoeker stel ik mezelf graag vervolgvragen. Vanuit een opgeruimd gevoel, op welke wijze uit zich dan nu een bewust ‘gezond hechten’ en hoe dynamisch is dat? Op welke wijze draagt een persoonlijk ‘gezond hechten’ bij aan het collectief bewustzijn? En welke verantwoordelijkheid nemen we als collectief in ‘gezond hechten’; in het bewust al-dan-niet doorgeven van ons erfgoed, onze identiteit en overtuigingen aan een volgende generatie?

%d bloggers like this: